Met een klein gevolg komen we na een binnenlandse uitstap weer terug op het honk in Frankrijk. Met wisselvallig weer maken we er een combinatieweek van; er wordt wat geklust, gesport en genoten.

Maaien, om het grasveld toch enigszins betreedbaar te maken voor gasten, doen we op een spaarzaam droog moment in de namiddag. Door het vocht en de warmte schiet het al hoog op. Maaien doen we daarom eerst met de bosmaaier en daarna nog eens met de grasmaaier.

Ook op de moestuin heeft het weer zijn weerslag. De bonen- en tomatenplanten herstellen in de volle grond gestaag van de reis naar het zuiden. Ze worden groener en maken nieuw blad. Er komt zelfs één eenzame boon tevoorschijn. Dat wordt smikkelen.

Op het kampvuur maken we op een goede avond een pot-au-feu; een maaltijd uit de kampvuurpot. Het geeft gelegenheid om met deze samenstelling het recept voor kip cola verder te verfijnen. Die avond zitten we achterin de tuin, op het gemaaide gras, in een klein avondzonnetje. Alleen een windje houdt het nog op truienweer.

Door écht ruim een liter cola toe te voegen aan de dichtgeschroeide kip, en flink wat pikante tomatenketchup, hebben we na een klein uurtje pruttelen boven het vuur een pan vol zoet-pikante stukken kip. Met wat sla uit de tuin, op te scheppen met een goed slacouvert, wordt het een geslaagde maaltijd.

Er is ook tijd om te klussen aan het huis. Voor wie wil zagen en kloven trekken we de kettingzaag aan en nemen we een bijna willekeurige tak te grazen. Een uurtje later liggen er weer twee kruiwagens hout in de kelder bij de voorraad voor de komende jaren. Toch moeten we ook binnenshuis wat meters maken. Er wordt geverfd en we maken een klus af waar Jiska en ik een zeer moeizame start mee maakten: de deur van de badkamer komt op z’n plek.